Vandaag fiestste ik naar het park. De dag was rustig en het weer was heel goed.
Ik zag veel bomen en veel groen.
Het park was mooi.
Ik hoorde vogels en ik voelde de wind op mijn gezicht. Ik vond het mooi om het licht tussen de bomen te zien.
Het was een simpel moment, maar het was heel speciaal.
Ik fietste nog een beetje verder. Mijn lichaam was rustig en kalm.
Ik had geen haast.
Ik wilde alleen van de rit genieten.
Het park gaf me veel rust.
Aan het einde fietse ik naar huis met een goed gevoel. Het was een makkelijke route, natuurlijk en heel mooi. Ik wil nog een keer gaan op een andere dag.
0